zondag 15 juli 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Manon - Wat de dag niet kan zien, weet de nacht (2/4)
Gepubliceerd op: 29-08-2012 Aantal woorden: 1073
Laatste wijziging: 30-08-2012 Aantal views: 1501
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

Wat de dag niet kan zien, weet de nacht (2/4)

Manon


(Wat voorafging: Hoofdinspecteur Jack en agent Anna houden 's nachts de bewegingen van verdachte figuren in het bos in de gaten. De figuren dalen af naar de vallei.)


'Licht. Ze doen de lichten aan.' Jack is meteen weer in de werkelijkheid. Hij geraakt in alle staten. 'Ik wist het! Ik wist het! Ik heb het aldoor geweten. 's Nachts is hier alles anders. Dan verandert het onschuldige ontspanningsterrein in een uitstekende plaats om te...’
'om te trainen,’ vult Anna aan. 'Om. .. '
'Zeg dat niet. Spreek het woord niet uit!'
'Sporten,' articuleert Anna, kort en duidelijk.
'Shhht!'
Over het hele veld worden witte plastic lijnen aangebracht op het kortgemaaide gras. Op sommige plaatsen komen er ook horizontale lijnen. Start, loopbaan, aankomst. Jack en Anna aanschouwen het met eigen ogen: wat Jack al die tijd verondersteld heeft, is juist.

'Hier worden volgens mij verschillende disciplines beoefend. Voetbal, volleybal, zwemmen, tennis... Deze nacht is het atletiek. Ze zullen zo snel rennen als ze kunnen, met de bedoeling om als eerste bij de finish aan te komen,' legt Jack uit. 'De uilskuikens. Ze zijn compleet getikt. Elke keer dat je sport beoefent ben je niet bezig met lezen. Evenmin met studeren. En je volgt ook geen tv-programma' s. Dat weet iedereen.'
'De hele dag door proppen we ons vol met lekkernijen terwijl we onnozele flutmagazines lezen of goedkope programma's en reclame op tv bekijken,' werpt Anna tegen. 'Dat maakt onze breinen loom en log.'
Jack heeft geen oren naar wat ze zegt. TV-kijken en lezen zijn de dingen die mensen horen te doen. Het is bewezen dat studeren de armoede tegengaat. Enkel door te lezen en te studeren wordt de bevolking intelligent en ontstaat beschaving. Goed, hij beseft ook dat de programma's niet altijd ontzettend interessant zijn. Maar dan nog blijft televisie een betere ontspanning dan sport. Wat kan een mens leren door rond een meer te rennen, of door tegen een domme bal te stampen? Niets, natuurlijk!
'Jack. Daar, in de vallei.'

Vlak voor een horizontale lijn worden startblokken aangebracht. Acht personen gaan ernaartoe en nemen hun positie in.
'Foto's,’ beveelt Jack.
'Ik zal geen flash nodig hebben. Er werden zoveel spots rond het terrein geplaatst... '
Anna moet alles en iedereen fotograferen, de atleten en de organisatoren moet ze vastleggen vanuit alle mogelijke hoeken en perspectieven, in hun omgeving, totaal, halftotaal en in close-up. Ondertussen roept Jack de basis op. 'Alles verloopt zoals voorzien. Laat de versterking oprukken.' Daarna bestudeert hij opnieuw de mensen in het dal.

'Heb je al uitgezocht wie de leider is?' vraagt Anna terwijl ze ijverig verderklikt.
'Eén persoon, aan de kant van de lijn gedraagt zich anders dan de anderen. Af en toe komt iemand tot bij hem en vertelt hem iets. Dan antwoordt die man al pratend en gebarend Nu steekt er een fluitje in zijn mond... Ik denk dat hij de leider is.'
'Ik zie hem. Wacht.’
KLIK.
KLIK KLIK KLIK.
'Wie zal er winnen, denk je?' vraagt Anna.
'Wat kan ons dat schelen. Wij willen hen achter de tralies krijgen.'
'Die persoon bij baan één is klein, maar zijn spieren zijn stevig ontwikkeld, en die andere, naast hem, die heeft dan weer zo’n lange benen…'
'Neem foto's,' onderbreekt Jack haar. 'Zodat we bewijzen hebben tegen die schoften.'
Plots staan een heleboel politiemannen rond hen. Weldoorvoede, kwabberige, pafferige mannen. Ze hijgen van de inspanning. Eén van hen komt naar Jack.
'Goedenacht… (hijghijg). Hoofdinspecteur... (hijghijg). Iedereen is op post... (hijghijg). Wilt u de instructies herhalen? (hijghijghijg).'

'Willem. Jullie zijn net op tijd. Luister, Anna heeft een luidspreker. Ze wacht tot wij helemaal beneden zijn en onze mannen de bende omsingeld hebben. Zodra de posities ingenomen zijn roept zij door de luidspreker en beveelt de misdadigers om te blijven staan. Jij en je mannen slaan de lopers en de organisatoren in de boeien. Ik zal de leider inrekenen. Hij is die kerel die alleen staat aan de zijlijn. Van hem trekken jullie je niets aan. '
'Schieten toegestaan, toch?'
'Alleen om angst aan te jagen of om te verwonden. Geen doden.'

In de vallei gaan de atleten in de startblokken staan. Ze buigen door hun knieën, raken de grond aan met hun vingers.
Jack geeft een teken met zijn hand.
Go!
Op hetzelfde moment wordt in de vallei op het fluitje geblazen.
De lopers veren uit de startblokken en maken grote, lenige passen met hun geoefende lichamen. Anna neemt de luidspreker in haar hand en praat luid en duidelijk. 'Aandacht! Aandacht! Dit is een bevel van de politie. Jullie zijn omsingeld. Stop uw activiteiten. We hebben wapens en we zullen ze tegen u gebruiken. PROBEER NIET WEG TE RENNEN. Ga liggen op de grond, armen en benen gespreid. Indien u niet gehoorzaamt zullen we schieten! Aandacht! Aandacht!'

'Anna! Wat doe je?' gilt Jack.
'Ik dwing hen om zich over te geven, volgens plan.' Onmiddellijk daarna herhaalt Anna haar boodschap. 'Aandacht. Aandacht... '
'Anna, dat mocht je niet doen voordat we vlakbij zijn! Nu hebben ze de tijd om weg te rennen! Shit! Shit! Shit!' roept Jack.
Willem roept uit volle borst naar zijn mannen: 'Rennen! Laat ze niet ontsnappen! Probeer ze allemaal te grijpen! Schiet om angst aan te jagen of om te verwonden. Snel!'
Radeloos proberen de dikbuikige agenten de helling vlug af te dalen. Ze struikelen. Ze lossen schoten in de lucht. Ondertussen klinken door de luidspreker telkens dezelfde bevelen van Anna.
De sportlui vluchten. Tussen de bomen is het donker, en de weg die ze nemen gaat bergop. Voor de slome agenten is het onmogelijk om achter hen aan te gaan. Hun geweerschoten zijn zinloos. Na korte tijd keren de politiemannen, helemaal buiten adem, terug naar de plaats waar Anna staat.
'Ze zijn ontsnapt,' zegt een van hen, verslagen.
'Bastaarden,’ antwoordt een ander. ‘Het is wel duidelijk dat het om goed getrainde misdadigers gaat. Ze oefenen beslist heel regelmatig, en niet zomaar een beetje. Om aan die snelheid een berg op te kunnen rennen, zigzaggend tussen de bomen, moeten ze uiterst sterk ontwikkelde spieren hebben.'
'Ze zijn nu al ver weg. Ze kennen vast geheime wegen,' meent een derde agent.


(wordt vervolgd)
www.manonsite.eu

Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens