woensdag 20 september 2017
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Judith - De toegift
Gepubliceerd op: 10-06-2011 Aantal woorden: 2302
Laatste wijziging: 30-04-2017 Aantal views: 1567
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

De toegift

Judith


Dennis zat aan de eettafel bij het raam en keek naar het verkeer, dat in een gemoedelijk tempo over de Rijksstraatweg reed. Het was, zoals op elke zaterdag, niet druk op de weg. Er reden meer fietsers voorbij dan auto's. Voor het merendeel waren het jonge meiden, die op weg waren naar het centrum van Heemskerk of Beverwijk. Dennis zag ze met een opgewekt gemoed voorbijrijden. Een paar keer scoorde hij een vrolijke glimlach bij een jong meisje; een enkel meisje zwaaide zelfs naar hem. Die aandacht vleide hem, zonder dat hij daarover enige illusies koesterde. Hij wist, dat hij er op zijn negenenveertigste best wel goed uitzag, maar hij was, in zijn hoedanigheid van gelukkig getrouwd man, simpelweg niet in jonge meisjes geÔnteresseerd.
Zijn vrouw Trudy zat in een lage stoel te lezen, schuin voor het raam aan de zijkant van het huis. Zij droeg een roze bloesje, met daaronder een push-up beha, een korte, witte plooirok en donkerbruine, fully-fashioned nylonkousen. Hij kon zien, dat zij haar benen een beetje had gespreid, zodat een voorbijlopende voetganger een florissant zicht op haar prachtige, mollige bovendijen zou kunnen hebben. Dat gebeurde overigens nooit. Zij had weliswaar de gewoonte om af en toe in een wellustige pose voor het raam te zitten, als onderdeel van een al vaak uitgeleefde hoerenfantasie, maar het was dus eigenlijk niet de bedoeling, dat die pose door anderen werd gezien. Dat was op die plek ook geen probleem. Het raam keek uit op het fietspad en de weg, maar het huis lag rechts van de weg, dus zij moest alleen op voetgangers uit de tegenovergestelde richting letten. Die waren zelfs op zaterdag heel sporadisch. Hij kon wel lachen om die malle hoerenfantasieŽn van Trudy en speelde die hoerenfantasieŽn ook altijd met veel plezier mee.
Zij was overigens even oud als hij en ook net zo goed geconserveerd. Zij was een prachtige, rijzige, goudblonde matrone en zij zag er, nu zij in de overgang zat, nog steeds twaalf jaar jonger oud dan zij in werkelijkheid was. In de eerste negenenveertig jaar van haar leven was zij heel zuinig met haar huid omgesprongen en daar plukte zij nu de vruchten van. Hij was daar vanzelfsprekend heel blij mee. Hij was ook heel trots op de relaxte manier, waarmee zij door haar eerste overgangsjaar was gegaan. Ze hadden daar allebei toch wel enigszins tegenop gezien.
Hij nipte aan zijn koffie en vertrok zijn gezicht in een grimas. De koffie was koud geworden. Eigenlijk had hij helemaal geen zin om op te staan en naar de keuken te lopen om een nieuwe kop Latte Caramel in te schenken. De aanblik van zijn, geheel in haar rol opgaande vrouw was te koddig en eigenlijk ook wel een beetje te opwindend. Hij keek naar haar fraaie profiel, naar de ietwat groteske omvang van haar linkerborst, zag ook een mooie, mollige bovendij, een brede kouseboord en een glimp van een jarretelle, maar realiseerde zich tegelijkertijd maar al te goed, dat haar mooiste lichaamsdelen niet eens zichtbaar waren.
Een halfuur geleden had zij, met alleen haar kousen aan, de afwas van gisteren gedaan en alles in de keuken leek tijdens die afwas volledig in de ban van haar prachtige, volle billen te zijn geweest. De kastjes boven en onder het aanrecht, het aanrecht zelf, de grote keukenkast, de keukentafel, de stoelen, het fornuis, de pannen, de koffiekopjes en de borden in de grote keukenkast, voor zijn gevoel had alles gebiologeerd naar die heerlijke billen van dat vrolijke 'hoertje' gestaard.
Die prachtige billen had zij overduidelijk van zijn schoonmoeder geŽrfd. Zijn schoonmoeder was een mooie, levenslustige vrouw geweest, die er in de laatste, drie jaren van haar leven een heuse toyboy op na had gehouden. Hij miste haar nog steeds, ook al lag de dood van 'het oude paard' inmiddels alweer een jaar achter hen. Voor hem was zij veel meer een moeder dan een schoonmoeder geweest. Zijn verdriet om haar dood was minder heftig geweest dan het verdriet van Trudy, maar had wel veel langer geduurd. Hij was blij, dat zij in Heemskerk lag begraven en dat hij en Trudy haar graf elke dag konden bezoeken.
Dat kon ook makkelijk, want ze reden elke dag twee keer langs het kerkhof, 's morgens als ze naar dit Noorddorpse weekendhuisje fietsten en 's avonds als ze naar hun flatje bij het station terugfietsten. 's Morgens werd het graf, waarin ook Trudy's vader lag begraven, daadwerkelijk bezocht. Het was een dagelijks terugkerend ritueel: eerst even bij papa en mama langs en daarna twee kopjes espresso drinken op het terrasje van de aangrenzende cafetaria. Dennis vond het fijn, dat zijn schoonmoeder nog zo'n belangrijk onderdeel van hun leven was. De keerzijde was wel, dat ze door hun verknochtheid aan het dagelijkse grafritueel Heemskerk vrijwel niet meer verlieten. Ze waren al sinds een jaar niet meer op vakantie geweest.
De trek in koffie begon onderwijl steeds sterker te worden en hij had ook wel zin om met die verse kop koffie in hun achtertuin te gaan zitten. Hij wist alleen niet, hoe hij Trudy bij haar raam moest wegkrijgen, zonder weer in haar malle fantasie te worden meegetrokken, want als dat zou gebeuren, zou hij zeker in de slaapkamer belanden en niet in de tuin. Uiteindelijk ging hij dus maar alleen naar de tuin. Hij stond een beetje moeizaam op, waarbij zijn knieŽn een onheilspellend, knakkend geluid voortbrachten, en wandelde naar de keuken, waar hij onmiddellijk de waterkoker aanzette.
Deze malle hoer/pooier-fantasie van hen - ze hadden er dus meer - dateerde van oktober 1974, toen ze voor de lol een nachtje in een nogal luxueus, Utrechts hotel hadden gelogeerd. Zij had tijdens dat nachtje de rol van dure, zelfbewuste call-girl-zonder-pooier gespeeld, maar die met veel bravoure gespeelde fantasiefiguur zat de volgende morgen dus wel met een overigens heel aimabele pooier opgescheept. Die fantasiefiguren waren inmiddels dus ook bijna de vijftig gepasseerd. Een feit, dat hem, idioot genoeg, met enige weemoed vervulde. Als hij of Trudy zou sterven, zouden de fantasiefiguren dus ook moeten sterven. Net als de personages uit een boek, die definitief in de vergetelheid verdwijnen als hun schepper sterft, zouden ook 'Martin, de Vriendelijke Pooier zonder de Losse Handjes', en 'Carla, het Hondsbrutale Hoertje met het Gouden Hart', dan meteen hun luie, ontuchtige leventje moeten staken.
Het water kookte inmiddels. Hij pakte een sachet uit het doosje, scheurde het open, strooide de inhoud in het kopje en goot er niet al te veel water overheen. Al roerend liep hij de tuin in, een van de meesterwerkjes van zijn neef Jeremy, een begenadigd tuinartiest in zijn familie. Een jaar geleden was de tuin niet meer geweest dan een rechthoekig grasveld, met een paar armoedige rozenperkjes eromheen; nu was het een verzameling van bochtige en geaccidenteerde paadjes, exotische planten, koddige rotspartijtjes en bekoorlijke fonteintjes. De tuin grensde aan het Noordhollands Duinreservaat en werd daarvan door een hoog, groen hek afgesloten. Helaas liep er al jaren een fietspad langs hun mooie tuin, zodat het echtpaar iets van hun privacy moest inleveren als ze in de tuin zaten. Wat was gebleven in de tuin, was het zitje in het midden, onder de grote parasol. Dennis drentelde er neuriŽnd naartoe en nam op een van de tuinstoelen plaats.
Het ietwat mediterrane karakter van de tuin deed hem aan een mogelijk vakantietripje naar Lugano denken. Misschien zouden ze over een poosje weer eens een keer op vakantie kunnen gaan. Hij verlangde eigenlijk wel een beetje naar Lugano. Twee jaar geleden waren ze daar voor het eerst en ook voor het laatst geweest en Lugano had tijdens hun korte verblijf aldaar hun hart gestolen. Hij had de Italiaanse stad met het smakelijke, Zwitserse sausje eroverheen na hun vertrek tot hun Private Arcadia uitgeroepen: de plek, waar ze hun laatste levensjaren wilden gaan slijten.
De enorme impact, die Lugano op hen had gehad, had hem toch wel verbijsterd; het in vele opzichten vergelijkbare Locarno, de stad, waar ze een dag eerder waren geweest, had helemaal niet zo'n grote indruk op hen gemaakt. Hij vermoedde, dat het aan de ligging van het station lag. Dat station lag op een berg en bood een fantastisch uitzicht over de stad, het meer en de bergen rond het meer. Die eerste aanblik van Lugano gaf de treinreiziger daardoor het gevoel, dat hij een feeŽriek sprookjesoord zou gaan betreden. Door de herinnering aan die eerste momenten in Lugano werd zijn verlangen naar Zwitserland ineens zo sterk, dat hij het liefst meteen al op de ICE naar Basel was gestapt. Toch wist hij maar al te goed, dat het er voorlopig niet meer van zou komen. Hun kat Tum Tum begon een beetje oud en krakkemikkig te worden en ze konden het niet meer opbrengen om hem voor een weekje alleen te laten.
Op dat moment zag hij Trudy de tuin binnenlopen. Al was hij er niet helemaal zeker van, of het nou Trudy, of Carla was. Zij plofte in de andere tuinstoel neer en schoot vervolgens onbedaarlijk in de lach.
"Wat is er?", vroeg hij.
"Ik had op mijn oude dag toch bijna een echt klantje, daarnet!", antwoordde zij.
"Wat voor een klantje?"
"Een knappe, grijsharige, oude vent van een jaar of zestig! Een voetganger, die waarschijnlijk op weg was naar het Noordhollands Duinreservaat. Ik was even net wat te veel in dat boek van Hiaasen verdiept, waardoor ik hem te laat zag en dus niet meer op tijd mijn benen tegen elkaar kon doen."
"En toen?"
"Toen ik hem aankeek en ik dus zag, dat hij met smakkende lippen naar mijn dikke dijen stond te staren, liep hij blozend verder."
"Och, arme man! Wat zal hij zich wild zijn geschrokken!"
"Ah, stel je niet zo aan!'', riep zij, opnieuw schaterend, ''Ik heb toch een tangaslipje aan?''
"Dat op dit moment meer onthult dan het bedekt..."
"Waarmee het jou op dit moment weer heel veel plezier geeft."
"Ja, praat er maar weer overheen!"
"Ik praat er niet overheen. Voor ik voor het raam ging zitten, heb ik op jouw bevel een tangaslipje aangetrokken en voor die verantwoordelijkheid kun je dus niet weglopen."
"Dat bevel kwam helemaal niet niet van mij!", riep hij grijnzend, "Dat kwam van Martin!"
"Martin bestaat niet! Martin is een personage, dat vorm krijgt door de acteur, die hem speelt. En omdat we tijdens onze fantasieŽn niet met vaste teksten werken, kun je je dus niet verschuilen achter je personage."
''Het is een hele mooie theorie, maar hij zit dus wel stampvol inconsequenties!''
''Nietes!''
Een reactie daarop bleef achterwege, want hij zag, dat er een knappe, grijsharige, ongeveer zestigjarige man op het toegangspad naast het huisje stond en hen met een blozend gezicht aanstaarde. Dennis stond meteen op en liep met grote passen naar de man toe. De man keek hem een beetje angstig aan, maar bleef toch rustig staan.
"Wat kan ik voor u doen?", vroeg Dennis, niet al te vriendelijk.
"Ik ben op zoek naar Dennis en Trudy Harberts!", antwoordde de man, met een wat doffe stem.
"Dat zijn wij! En wie bent u?"
"Mijn naam is Frits van Soest en ik ben een vriend van wijlen uw schoonmoeder. En ik ben gekomen om iets over haar met u te bespreken. Dat is min of meer haar laatste wens geweest en ik heb vandaag eindelijk genoeg moed bij elkaar geschraapt om die laatste wens in vervulling te laten gaan."
Dennis keek naar Trudy en zag, dat zij van haar stoel opstond en naar hem en de heer Van Soest toe liep. Zij bloosde nu ook, maar de gÍne over wat er daarnet tussen haar en meneer Van Soest was voorgevallen, had haar bepaald niet van haar spraakvermogen beroofd.
"Bent u Pieter de Toyboy?", vroeg zij, met een enigszins ongepaste gretigheid.
"Pieter de Toyboy bestaat niet!", antwoordde meneer Van Soest glimlachend, "Hij is een verzinsel van uw moeder. Zij heeft hem in het leven geroepen om u op mijn bestaan voor te bereiden. Ik heb namelijk heel lang een hele fijne en hele monogame relatie met uw moeder gehad en tegen het einde van haar leven wilde zij u dat toch een keer gaan vertellen. Maar omdat zij dat niet meteen durfde..."
"Heeft zij eerst een nog veel grotesker verhaal over een relatie met een gigolo opgehangen", vulde Dennis grinnikend aan.
''Precies!''
''Waardoor de schok niet al te groot voor Trudy zou zijn als zij u eenmaal als haar vriend zou gaan presenteren.''
"Ja, dat klopt ook! Maar dat is er door haar overlijden dus niet meer van gekomen."
Dennis keek naar Trudy, zag, dat het huilen haar nu nader stond dan het lachen, en dacht even over de komende verwikkelingen na. Hij vroeg zich af, of het beter was om Trudy even met meneer Van Soest alleen te laten, maar koos toch voor de andere optie.
"Zullen we even binnen gaan zitten?", begon hij, "En u aan de keukentafel onder het genot van een kopje koffie uw verhaal laten doen?"
"Als ik u daarmee niet ontrief!"
"Nee, ik wil echt alles over u en mama horen!", zei Trudy, met een verstikte stem.
"Wel, in dat geval zal ik u graag alles vertellen.''
Dennis liep naar de tuindeur van het huisje en trok hem glimlachend open voor zijn vrouw en hun gast. Terwijl het tweetal in een ietwat bedrukt stilzwijgen de keuken betrad, verkneukelde hij zich al op het komende gesprek. Het was inderdaad heel fijn, dat zijn schoonmoeder nog zo'n onlosmakelijk deel van hun leven was en het komende gesprek zou daar zeker geen afbreuk aan gaan doen. Voor ook hij de keuken betrad, wierp hij een vrolijke blik op de stralende, staalblauwe hemel. Een jaar na haar dood had het 'oude paard' eindelijk haar doel bereikt. Het grote geheim van haar leven was geen geheim meer voor haar dierbaren. En zo hoorde het natuurlijk ook!

Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2017 Geoffrey Reemer en Renť Claessens