woensdag 20 september 2017
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Judith - Canterbury revisited
Gepubliceerd op: 18-04-2011 Aantal woorden: 3623
Laatste wijziging: 26-02-2017 Aantal views: 1809
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

Canterbury revisited

Judith


Randy bleef met een bleek gezicht voor het graf van zijn ex-vrouw Anneke stilstaan en Rinie, zijn huidige vrouw, wierp hem een wat bedremmelde blik toe. Het was laat in de middag. Het vriendelijke septemberzonnetje zorgde voor een aangename temperatuur en het piepkleine kerkhofje rondom de wereldberoemde St. Martin's Church in Canterbury lag er zeer idyllisch bij. Dit uitstapje naar Canterbury kon niet echt een vakantietripje worden genoemd. Randy wilde de komende dagen een aantal regelingen treffen met betrekking tot de komende verkoop van zijn huis in Canterbury en hij had vandaag, op haar zevende sterfdag, dus ook het graf van Anneke willen bezoeken.
Rinie had zeer tegen het bezoek aan het graf opgezien, maar nu ze daadwerkelijk op het kerkhof stonden, viel de spanning snel van haar af. Van Randy's gezicht was namelijk geen wanhoop af te lezen. Hij keek zwijgend naar de staande grafsteen, met een vage, weemoedige glimlach, waarin ook iets van spotlust te zien was. Rinie keek ook even naar de steen en zag tot haar verbazing, dat het grafschrift in het Nederlands was geschreven: 'Hier rust mijn lieve, onvergetelijke vrouw, Anneke Harberts-Hoogervorst, geboren 8 januari 1950-gestorven 10 september 1993.' Zij overwoog even om Randy's hand te grijpen, maar zag daar toch maar van af. Dit moment was voor Anneke; daar moest zij even niet tussenkomen.
Ze vormden een fraai koppeltje. Randy was een lange, broodmagere man van bijna vijfenveertig, met een smal, knap gezicht en lange, zwarte haren; Rinie was een mooie, mollige blondine van drieŽntwintig. Zij droeg een blauw colbert-achtig jasje met een diep decolletť, een veelkleurig, zijden sjaaltje, een blauwe rok, die tot ver boven haar knieŽn reikte, en donkerblauwe lakschoenen met lage hakken. Randy was ook al in het net. Hij had vanochtend zijn trouwpak aangetrokken: een zwart kostuum met daaronder een wit overhemd. Alleen de stropdas ontbrak vandaag. Onder de openstaande boord was wel een rood T-shirt en een gouden halskettinkje zichtbaar.
Na een minuut verbrak Randy het stilzwijgen. Rinie was in haar eigen gedachten verzonken geraakt en zij schrok daar dus wel een beetje van.
"Wat zei je, liefje?", vroeg zij.
"Zullen we maar naar het huis gaan?"
"Dat is goed, liefje."
Ze liepen over het grind naar de uitgang en ditmaal durfde Rinie het wel aan om Randy's hand te grijpen. Dat leek hem wel goed te doen. Ze stapten in hun auto, een vrij oude Volvo, en reden in de richting van het centrum van Canterbury. De skyline van de oude, middeleeuwse stad stak fraai af tegen de wit besneeuwde hellingen van de omringende bergen.
"Ben je blij, dat je hier nog even bent geweest?", vroeg zij.
"Ja, maar ik ben ook wel blij, dat ik het nu achter de rug heb."
"Was je hier echt nog niet geweest sinds de begrafenis?"
"Nee, ik ben na de begrafenis eigenlijk heel snel naar het buitenland vertrokken."
"Het graf zag er trouwens prachtig uit!"
"Ja, dat viel mij ook al op. En ik denk, dat ik wel weet, wie daarvoor verantwoordelijk is."
"Wie dan?"
"Meisner!", antwoordde hij, doelend op zijn ex-butler.
"Maar die heb je voor je vertrek uit Engeland toch met pensioen gestuurd?"
"Ja, dat klopt, maar Meisner is altijd meer een vriend dan een butler voor mij geweest en ik zal hem zometeen echt wel voor zijn geste jegens Anneke gaan bedanken."
"Zien we hem dan, zometeen?"
"Ja, hij zal ons in het huis opwachten."
"Leuk!"
Ze waren inmiddels in het centrum van Canterbury aangekomen en ze reden nu door de fraaie, met vele, prachtige vakwerkhuizen volgebouwde High Street, die Rinie sterk aan de Maria-Theresiastrasse in Innsbruck deed denken. Over de straat hing een prachtige en onheilspellende, zwarte lucht. Het had er alle schijn van, dat het zometeen flink zou gaan regenen.
"O, wat is het hier mooi!", riep zij uit.
"Tja, dit is inderdaad wel een mooi straatje."
"Heb je hier echt gelopen als jongetje en als tiener?"
"Ja, ik heb hier vanaf mijn geboorte tot mijn achtendertigste gewoond."
"Leuk, joh!"
Hij legde glimlachend zijn rechterhand op haar linkerdij en dat liet zij zich met veel genoegen welgevallen. Zij zag er nu ook tamelijk sexy uit. Daarnet was bij het instappen de zoom van haar rokje wat omhoog geschoven en een groot deel van haar stevige dijen was nu onbedekt.
"Waarom heb je eigenlijk dat malle, korte rokje aangetrokken in plaats van een comfortabele, lange broek?", vroeg hij.
"Ik heb dat malle, korte rokje aangetrokken om jou na onze aankomst in het huis zo snel mogelijk tot een vrijpartij in je oude bed te bewegen, maar ik had er dus niet op gerekend, dat we zometeen je oude butler in dat huis zouden aantreffen."
"O, daar zou ik maar geen scrupules over hebben als ik jou was. Hij heeft Anneke en mij regelmatig bij het vrijen betrapt."
"Echt?"
"Ja, echt! En hij had er totaal geen problemen mee. Butlers zijn er ook op getraind om daar niet op te letten. Anneke liep ook vaak naakt of in lingerie in het huis rond en daar maakte hij echt geen probleem van."
"En jij dus ook niet?"
"Nee, ik dus ook niet", antwoordde hij lachend.
Een paar minuten later stopten ze voor Randy's oude huis: een wat somber ogende villa aan de 'close' van de kathedraal. Ze stapten uit en Randy liep naar de achterkant van de auto om hun bagage uit de kofferbak te pakken. Ze wisten overigens nog niet zeker, of ze hier in huis zouden overnachten. Een verblijf in een hotel behoorde zeker ook nog tot de mogelijkheden.
Rinie hoorde de deur opengaan en keerde zich om. In de deuropening verscheen een bejaarde, corpulente en kale man. Dat moest Randy's ex-butler zijn. Randy zette hun koffertjes meteen op de grond neer, liep met vaste tred naar zijn ex-butler toe en gaf hem een stevige hand.
"Heeft u een goede reis gehad, meneer?", vroeg Meisner.
"Het kon niet beter, Meisner. Het kon niet beter. En het is goed om na al die jaren eindelijk weer eens in Engeland te zijn."
"Ik ben blij u terug te zien, meneer! Maar ik zal mij eerst even over de bagage van u en uw vrouw ontfermen."
Hij liep langs zijn ex-werkgever heen en pakte de twee koffertjes op. Daar was Randy eigenlijk niet zo blij mee.
"Ach, Meisner, dat hoeft toch niet meer!", protesteerde hij zwakjes, "Je hoeft toch niet meer met onze bagage te zeulen?"
"Zal ik ze in de slaapkamer zetten, meneer?", vroeg Meisner onverstoorbaar.
"Ach, ja, doe dat maar, Meisner. En o, ja... Meisner, dit is Rinie, mijn huidige vrouw."
"Het is mij zeer aangenaam om met u kennis te maken, mevrouw", zei Meisner, met een beminnelijke hoofdknik.
"Mij ook, meneer Meisner."
Hij was al in het huis verdwenen, voordat Rinie er erg in had. Randy keek hem lachend na en keerde zich daarna naar zijn vrouw om.
"Zal ik je eerst maar even de woonkamer laten zien?", vroeg hij.
"Goed, liefje."
Ze gingen de woning binnen, net op het moment, dat de al aangekondigde regenbui daadwerkelijk losbarstte, en betraden een gangetje, waar behalve de trap naar boven, drie deuren op uitkwamen. De deur links was de keukendeur, de deur onder de trap voerde naar de kelder en de rechterdeur gaf toegang tot de woonkamer, een langwerpige kamer, die van alle gemakken was voorzien en op de 'close' rond de kathedraal uitkeek, en die tevens een leuk relikwie uit de jaren zeventig van de bijna voorbije eeuw bevatte: een zeer comfortabel ogende zitkuil. De kamer zag er piekfijn en opgeruimd uit. Aan niets was te merken, dat de kamer zeven jaar niet bewoond was geweest.
"Wel, dit is het huis dus!", zei hij aarzelend.
"Wil je dit prachtige huis echt gaan verkopen?"
"Eh, ja! Dat is toch eigenlijk wel de bedoeling van dit tripje."
Rinie schudde haar hoofd en liet zich daarna giechelend in de zitkuil neervallen. Randy keek een beetje beteuterd toe en zijn verwarring leek nog wat toe te nemen, toen zij zich op haar rug draaide en hem met een guitig gezichtje een voor de hand liggend vraagje stelde:
"Hoe vaak heb je op deze plek met Anneke gevrijd?"
"Vele malen."
"Wil je dan als de sodemieter die malle Meisner wegsturen? Ik wil, ook wat dat betreft, zo snel mogelijk in haar voetsporen treden."
"Ik wil die malle Meisner helemaal niet wegsturen", zei hij, een tikje verontwaardigd, "We hebben heel veel met hem te bespreken. Hij is mijn zaakwaarnemer en hij zal in mijn naam het huis moeten gaan verkopen."
"Wie zegt, dat we dit huis gaan verkopen?"
"Wil je dan niet, dat ik het verkoop?"
"Nee, we moeten het houden en er iets leuks mee gaan doen."
"Wat heb je in gedachten?"
"Waarom maak je er geen klein, gedistingeerd pension van?"
"Ga door! Ga door!"
"Je zit hier echt op een prachtige plek, midden in het centrum, letterlijk onder de rook van de kathedraal en je bent dus echt maar een steenworp van alle attracties van Canterbury verwijderd. Volgens mij kun je hier echt hartstikke veel geld verdienen."
"Dat hoeft niet, schatje! We zijn al schat- en schatrijk!"
"Prima! Dan hoef je het huis dus ook niet te verkopen."
"Weet je wat? Je krijgt het van mij! Ik heb je twee jaar geleden al een florerend cafť gegeven en nu krijg je dus ook een pension van mij."
"Oh, meen je dat?", vroeg zij opgetogen.
"Ja, maar dan wel onder ťťn voorwaarde!"
"Welke dan?"
"Dat je een Engelse bedrijfsleider in je mooie, nieuwe pension aanstelt. Ik wil niet, dat je ook maar ťťn dag zonder mij in Canterbury gaat zitten."
"Dat is goed, liefje! O, jee! Ik heb alweer een lumineus idee! Zou dat geen leuk baantje voor Meisner zijn?"
"Dat zou kunnen", antwoordde hij weifelend, "Maar hij wordt dit jaar al negenenzestig."
"We kunnen het hem allicht vragen."
Juist op dat moment ging de deur open en verscheen de butler in de deuropening. Rinie was er zich van bewust, dat zij tijdens het voorbije gesprek een nogal verleidelijke pose had aangenomen en ging onmiddellijk rechtop zitten, met de benen stijf tegen elkaar geklemd. Veel hielp het niet: Meisner kon vermoedelijk toch meer van haar benen zien dan haar lief was. Meisner liet daar echter, zoals Randy al had voorspeld, helemaal niets van merken.
"Willen meneer en mevrouw iets gebruiken?", vroeg hij.
"Wil jij iets, lieverd?", vroeg Randy grijnzend.
"Ik lust wel een sherry!"
"Dat is een goed idee. Ik neem er ook een! Twee sherry's, Meisner. Enne... neem er zelf ook een!"
"Dat is heel vriendelijk van u, meneer."
"En kom, als je die drie sherry's hebt ingeschonken, even bij ons zitten. We hebben iets met je met te bespreken."
"Tot uw dienst, meneer."
Meisner sloot de deur en verdween naar de keuken. Randy graaide een van de stoelen bij de eettafel weg en zette hem naast de zitkuil. Hij ging er niet zelf op zitten: hij nam in kleermakerszit op de rand van de zitkuil plaats en wierp zijn jeugdige eega een jolige blik toe.
"Weet je zeker, dat je hier een pension wilt beginnen?", vroeg hij.
"Heel zeker! Maar het staat of valt min of meer met de vraag, of Meisner wel of niet bedrijfsleider wil worden. Ik betwijfel, of ik hier in Engeland een andere geschikte en betrouwbare bedrijfsleider zal kunnen vinden."
"We gaan het hem zometeen heel lief vragen."
De deur ging weer open en Meisner trad binnen, met een dienblad waarop drie glazen sherry stonden.
"Ga even zitten Meisner!", zei Randy, toen ze alle drie van een glas sherry waren voorzien.
"Tot uw dienst, meneer", zei Meisner, alvorens hij daadwerkelijk op de stoel ging zitten.
"Wel, ik zal er maar niet omheen draaien en je meteen zeggen, wat je voor ons kunt doen. Rinie heeft daarnet besloten, dat we van dit huis een pension gaan maken en we willen graag, dat jij dat pension gaat leiden."
"Dat zou ik heel plezierig vinden, meneer!", zei Meisner, met iets wat onmiskenbaar op een blij verraste glimlach leek.
"Meen je dat, Meisner? Of zeg je dat alleen maar om je oude werkgever een plezier te doen?"
"Nee, meneer. Ik heb mij de laatste jaren wel een beetje verveeld en ik zou het echt een eer vinden als ik tot het bedrijf van u en uw vrouw mag toetreden."
"Shit!", riep Rinie lachend, "U hebt gelijk, meneer Meisner! Randy en ik beginnen zo langzamerhand een heus horeca-imperium op te bouwen."
"Ga je niet tegen de etiquette van je gilde in door nu een baantje als bedrijfsleider van een pension aan te nemen?", vroeg Randy aan Meisner.
"Wie zegt, dat meneer Meisner als bedrijfsleider moet gaan functioneren?", zei Rinie, een beetje smalend, "Hij blijft hier gewoon als butler dienst doen! De gasten, die hier zullen komen logeren, moeten vanaf het begin tot het einde van hun verblijf het gevoel hebben, dat ze al jaren in dit huis wonen en de aanwezigheid van een fantastische butler als meneer Meisner zal dat gevoel alleen maar versterken."
"Dank u, mevrouw", zei Meisner, "Ik zal uw vertrouwen in mij zeker niet beschamen."
"Goed, dan moeten we het ook maar meteen even over je loon hebben", zei Randy.
"Dat lijkt mij niet echt nodig, meneer. U heeft mij bij mijn pensionering al van heel veel geld voorzien."
"Ha! Je denkt toch niet, dat je dit baantje gratis moet gaan doen, hŤ?"
"Nee, dat kan niet, meneer Meisner!", beaamde Rinie, "U krijgt natuurlijk een salaris, dat bij uw functie past. U krijgt dus uw oude salaris, plus de loonsverhogingen, die u zou hebben gehad als u de laatste zeven jaar in Randy's dienst zou zijn gebleven."
"In dat geval zal ik dat salaris gaarne accepteren, mevrouw."
"Prima!", riep Randy grinnikend, "Dan ben je hierbij weer in dienst genomen!"
"Dank u, meneer. Ik ben u en mevrouw zeer erkentelijk."
"Wel, dan moeten we met zijn drieŽn eerst maar eens een avondje gaan nadenken, hoe we dat pension verder van de grond moeten krijgen."
"Goed, meneer. Maar dan zal ik nu eerst even de maaltijd gaan klaarmaken."
"Dat is prima, Meisner."
"Hebben u en uw vrouw nog speciale wensen, meneer?"
"Nee, Meisner. Maak maar wat lekkers klaar! Stamppot andijvie of zoiets!"
"Tot uw dienst, meneer."
De butler stond van zijn stoel op, zette zijn nog volle glas sherry op het dienblad en verliet de kamer. Na zijn vertrek bleef het even stil in de kamer. Rinie was dolblij met de laatste ontwikkelingen. Zij vond het heel fijn, dat haar echtgenoot schatrijk was, maar zij vond het nog veel fijner, dat hij haar nu opnieuw in staat stelde om haar eigen carriŤre verder uit te bouwen. Een beloning daarvoor mocht dan ook niet achterwege blijven. Zij zette haar glas sherry op de vensterbank en strekte haar armen naar hem uit.
"Goed!", zei zij, "En dan is het nu de hoogste tijd voor een vluggertje!"
"Nee, ik wil je eerst nog even de rest van het huis laten zien", zei hij lachend, terwijl hij haar handig ontweek, "En dan om te beginnen met de kelder, natuurlijk."
"Wat is er zo speciaals aan die kelder?"
"Dat zul je zo wel zien."
Randy stond op, zette zijn glas op de rand van de zitkuil, trok haar met de nodige moeite uit die zitkuil en duwde haar vervolgens de kamer uit. Voor ze de kelder konden betreden, moest hij eerst nog even naar de juiste sleutel zoeken.
"Heeft die sleutel al die tijd aan je sleutelbos gehangen?", vroeg zij.
"Ja, raar, hŤ? Maar Meisner heeft, geloof ik, ook een sleutel. Dus als ik hem echt niet kan vinden, kan ik altijd nog bij hem terecht."
Uiteindelijk vond hij de sleutel, waarmee hij de deur kon openen en konden ze via twee korte trappen in de kelder afdalen. Die kelder bleek vrijwel leeg te zijn. Er stond niet veel meer in dan een bank, een stoel en een linnenkastje. Aan de muur tegenover de bank hing een enorme spiegel, op de vloer lag een bruine vloerbedekking en in een van de hoeken stond een lege doodskist zonder deksel. De kelder had eigenlijk weinig van een kelder weg, meer van een nogal kale kamer onder het huis. De temperatuur was ook niet koud, eerder een beetje te warm, en er hing ook niet de muffe geur van een kelder. Rinie kon zelfs nog een parfumgeurtje ontwaren. Zij besefte meteen, dat het geurtje nog van Anneke afkomstig moest zijn en zij vond dat toch geen prettig idee.
"Wat is dit voor een hok?", vroeg zij, enigszins achterdochtig.
"Dit was het hok, waar Anneke in de laatste jaren voor haar zelfmoord haar masochistische fantasieŽn uitleefde", antwoordde hij, met een vage grijns.
"Met jou? Of met iemand anders?"
"Meestal zat zij hier in haar eentje. Maar ik was er soms ook wel bij."
"Wat moet ik er daarbij voorstellen?"
"Zij vond het heerlijk om hier urenlang vastgebonden op de bank te zitten en dat vastbinden moest ik dus doen. Dat was eh... nou niet bepaald een karweitje, dat ik aan Meisner kon overlaten."
"Deed het je wat?"
"Nee, het deed mij helemaal niets!"
"Was dat niet vervelend voor haar?"
"Nee, integendeel. Dat scheen zij juist heel erg opwindend te vinden."
"Vreemd."
"Hm, ik denk, dat die lauwe reacties van mij ook wel een beetje geruststellend voor haar waren."
"Omdat zij door jouw voorganger bijna is vermoord?"
"Precies!"
"Wat zit er in dat kastje?"
"Handboeien, touwen, en nog wat andere dingetjes."
"Jezus! Meen je dat?"
"Ja, er liggen nog heel veel dingen van haar in."
"Laat zien!"
Hij liep gniffelend naar het kastje toe, trok het bovenste laadje open en toonde de inhoud daarvan aan zijn jonge vrouw. Er lag een wirwar van touwen, handboeien, beha's, slipjes, jarretellegordeltjes en nylonkousen in. De geur van Annekes parfum werd ineens een stuk sterker en Rinie voelde opnieuw een steek door haar hart gaan.
"En in de laadjes daaronder ligt dus nog meer van hetzelfde", vervolgde hij.
Zij stak een trillende hand naar de kousen uit en liet de bruine kousen langzaam door haar vingers glijden. Het was hetzelfde soort kousen, dat zij zelf regelmatig droeg. Zelfs de maat en de kleur kwamen zo op het oog met die van haar overeen.
"Is het altijd bij vastbinden gebleven als jullie hier zaten?", vroeg zij.
"Ja, ik heb nooit de aandrang gevoeld om haar ook maar ťťn haar te krenken. Ik heb haar zelfs nooit aangeraakt als zij eenmaal vastgebonden op de bank zat."
"Ik kan dat maar moeilijk geloven."
"Het is toch echt zo. Het kijken naar haar was, in combinatie met die grote spiegel, eigenlijk ook wel genoeg voor haar."
"En waarom heb je dit allemaal bewaard?"
"Omdat ik hier na de begrafenis nooit meer ben geweest. Ik had tussen de begrafenis en mijn vertrek naar het buitenland wel iets anders aan mijn hoofd. Ik heb dit spul in ieder geval niet om sentimentele redenen bewaard."
Zij besefte, dat hij het meende, maar zij wilde hem toch nog wel even op de proef stellen.
"Ik wil dat toch wel even uitproberen", zei zij, met haar ogen strak op het kastje gericht.
"Wat, liefje?"
"Of je je handen ook kunt thuishouden als ik hier vanavond gekneveld en vastgebonden op de bank zit."
Hij slaakte een diepe zucht, maar zei aanvankelijk niets. Rinie had het gevoel, dat zij hem met die opmerking danig uit zijn evenwicht had gebracht en zij wierp hem een wat angstige blik toe.
"Luister, kindje!", zei hij aarzelend, "Ik wil die uitdaging best wel aannemen als je dat graag wilt, maar ik wil eigenlijk eerst die kastjes even gaan leeghalen. Nu we zeker weten, dat we dit huis niet gaan verkopen, wil ik echt niets meer bewaren, wat mij aan Anneke herinnert."
"Dat lijkt mij een goed idee!", zei zij opgelucht, "Als jij nou even een plastic vuilniszak bij Meisner haalt, dan begin ik vast met dat leeghalen."
"Goed, kindje!"
Zij keek hem na, toen hij met een peinzend gezicht de trapjes besteeg, maar daarna ging ze meteen op haar knieŽn voor het kastje zitten en begon ze van de inhoud van het bovenste laatje twee stapeltjes te maken. Het ondergoed, de lingerie en de kousen van Anneke gingen op het stapeltje, dat zometeen in de vuilniszak zou verdwijnen. Het stapeltje met de touwen en de handboeien zou zij zometeen weer in het laatje terugleggen. Zij wist zeker, dat zij Randy vanavond aan de bovengenoemde 'braafheidsproef' zou gaan onderwerpen en dat wilde zij natuurlijk wel goed doen. Wat er daarna met de touwen en de handboeien moest gaan gebeuren, was van later zorg.
Op dat moment herinnerde zij zich, dat zij bij het betreden van de kelder een lege doodskist had zien staan. Zij stond op, wierp nogmaals een blik op de doodskist en zag toen tot haar grote schrik, dat de doodkist helemaal niet leeg was. Er lag namelijk een gebalsemd vrouwenlichaam in. Rinie herkende het knappe, regelmatige, door lange, blonde haren omlijste gezicht van de pasfoto, die Randy haar twee jaar geleden aan de vooravond van hun trouwdag laten zien: het was Anneke. Zij was naakt, op een wit jarretellegordeltje en bruine nylonkousen na. In haar mond zat een rode balknevel; haar handen waren op haar rug gebonden. Haar mollige, gespreide benen waren half opgetrokken; haar knieŽn staken daardoor een beetje boven de randen van de doodskist uit. Rinie liet de aanblik van haar dode voorgangster even op zich inwerken, probeerde te gillen, zonder een geluid te kunnen voortbrengen, en voelde, hoe haar benen opeens dienst begonnen te weigeren. Zij liet zich langzaam op de vloer zakken, verloor al snel het bewustzijn en werd uiteindelijk weer wakker op een bed in een Innsbruckse hotelkamer. Het was gelukkig hetzelfde bed, waarop zij een uurtje eerder in slaap was gevallen.

Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2017 Geoffrey Reemer en Renť Claessens