zondag 15 juli 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Manon - Vliegtuigen in Libië
Gepubliceerd op: 28-03-2011 Aantal woorden: 375
Laatste wijziging: 29-02-2012 Aantal views: 1221
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

Vliegtuigen in Libië

Manon


Mauranne is verzot op vliegtuigen. Niet alleen op vliegtuigen, maar op alles wat in de lucht hangt. Elke vogel, parachute, vliegtuig, warme luchtballon... heeft ze gezien. Tijdens het werk op de computer zit ze nu al jarenlang tussendoor te vliegen op een flight simulator waar ze tussen heel wat modellen kan kiezen en over de hele planeet kan rondvliegen in real time, in de weersomstandigheden die er nu heersen.

Wanneer ze niet achter de computer zit, zijn we in de woonkamer en daar heeft ze twee bestuurbare helikopters die ze - mits heel delicate besturing - kan laten opstijgen van op een tafel, laten scheren over de grond, en laten landen op mijn hand.

Ik ben erg bijziend, voor mij is elke vogel of vliegtuig ongeveer dezelfde zwarte stip in de lucht. Soms komt haar fascinatie nogal vreemd op me over. Maar ik weet hoe verzot ze is op alles wat kan vliegen.

Verschijnt het kleinste of het grootste vliegtuig op tv, dan vertelt ze me er alles over: dit model, daar uitgevonden, kan je dit en dat mee doen...
Toen de oorlog in Libië losbarstte dacht ik dan ook dat ik door een waterval van woorden zou overstelpt worden. Al die schitterende, machtige vliegtuigen die we zagen opstijgen. Zo indrukwekkend, zo mooi.

Maar Mauranne sprak er nooit over. Ze volgde de nieuwsberichten over de oorlog op de voet, maar geen woord over de vliegtuigen.
Tenslotte vroeg ik het haar. 'Mooie vliegtuigen, hé?'
Het was alsof ze mijn vraag niet gehoord had.
Even later probeerde ik het opnieuw. 'Het zijn wel mooie vliegtuigen, hé?'
Haar antwoord: 'In de cockpit zitten militairen. Ze vliegen met een bom onder zich. Ooit heb ik ze een oefening zien doen. Ze reden en vlogen rond met atoombommen. Jongens van twintig jaar. Krijgen ze het bevel om op een knop te drukken, dan doen ze dat. Boven een stad als het moet. Boven burgers. In het uiterste geval zelfs boven de bevolking van het eigen land. Ze zitten in die machine, ze drukken op de knop. Jongens van twintig jaar.'

Het was stil.
'Maar ze zijn mooi, hé, die vliegtuigen?' vroeg ik.
'Oh ja,' antwoordde ze. 'Het zijn juweeltjes.'
Meer zei ze niet.

Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens